Zware bevalling (100 kg)

Grote dieren zijn lang zwanger. Een giraf en een neushoorn meer dan een jaar. Op nummer 1 staat de olifant. Die heeft een draagtijd van bijna twee jaar. Maar dan heb je ook wat! Een superslim jong van 100 kilo met alles erop en eraan. Het filmpje laat de geboorte van een olifantje zien. Dat gaat met een stortvloed gepaard. Alsof de zee leeg stroomt! Kijk hoe voorzichtig moeder olifant met haar poten over het jong stapt. Hoe ze checkt of het goed met haar jong gaat. Je hoort haar wanhopig trompetteren als ze ziet dat het jong niet ademt. Wat moet ze doen? Ze schopt en schudt het jong door elkaar. Ze sjort hem met haar slurf omhoog. Hup, ademen moet je! De bek van het jong spert open… de eerste ademhaling. In de natuur moet een jonge olifant meteen met de kudde mee. Niet blijven liggen maar snel op z’n poten staan én lopen. Pas dan is moeder olifant gerust en kan ze (100 kilo lichter) opgelucht ademhalen.

 

Advertenties

Staande bevalling + douche

Een giraffeneitje, bevrucht door een giraffenzaadje, groeit in 14-15 maanden tot een prachtig mooi girafje. Moeder giraf blijft bij de geboorte staan. Ze drentelt wat heen en weer. Tussendoor perst ze en perst ze. Eerst komen de pootjes eruit. En stukje bij beetje de rest. Het girafje hangt stil en slap. Tot hij* eruit ploept en bijna twee meter omlaag stort. Er komt meteen een plens water achteraan. Zo, dat is zijn eerste douche. Welkom! Zijn hoorntjes (plat op de kop) en hoeven zijn zacht. Goed geregeld want scherpe uitsteeksels tijdens de bevalling doen moeder giraf pijn. Na een week zijn de hoeven en hoorntjes hard en staan de hoorntjes rechtop. Het girafje wankelt nog op zijn poten maar vindt supersnel de melkvoorraad. De uier tussen de achterpoten van zijn moeder zit vol met vette melk, bijna zo vet als slagroom. Dit energiedrankje drinkt hij maanden. Over een jaar is hij ruim een meter langer.

*of zij

 

Slow quick quick slow

Lange nagels om zich eens lekker te krabben, want de vacht van de luiaard zit vol kriebelbeestjes (foto in Costa Rica van Joris Van Ruysseveldt)

Lange nagels om zich eens lekker te krabben, want de vacht van de luiaard zit vol kriebelbeestjes (foto in Costa Rica van Joris Van Ruysseveldt)

Alles is slow motion bij de luiaard. Maar zodra de betoverende aria van een vrouwtje klinkt, zet het mannetje de spurt erin. Tijd voor de liefde! Alles duurt lang, maar de paring niet. Binnen enkele seconden is het kunstje gedaan. Daarna treedt de onthaasting weer in. Dus slow eating. Een luiaard eet vooral bladeren. Hij kauwt en kauwt. Bladeren geven weinig energie. Je kunt dan natuurlijk meer gaan eten. Maar luiaards gaan gewoon minder bewegen. Eens per week komen ze uit de boom. Met hun voorpoten omarmen ze de stam en draaien met hun achterwerk. Hun staart friemelt een poep-en-pieskuiltje in de grond. Waarom poepen ze niet vanuit de boom? Veel veiliger. Niemand die het zeker weet. Misschien dat het hangend niet zo best lukt. Of, dat de dreun van een gevallen drol een roofdier waarschuwt, waardoor de luiaard zijn plek verraadt. Of is het een naambordje: hier woon ik. Hoe dan ook: de boom krijgt goeie mest en het mannetje wacht weer op een mooie aria.

Klokkenspel


‘Ben jij nog steeds bezig met het klokkenspel van dieren? Hier een filmpje voor jou’, mailde een schoonbroer. Ja, voor Wild verliefd dook ik indertijd in de ballenbak. Mijn slager gaf me eens een paar ballen van een bok cadeau. Ik heb ze van alle kanten bekeken. Ze waren te groot om mee te knikkeren. Ze zijn in m’n koekenpan beland. Als je over ballen schrijft, moet je ook weten hoe ze smaken. Ik dacht dat ik wist waar de klepel hing. Maar toen ik dit filmpje zag, sloeg de twijfel toe.

Hoe doen ze het?

Jean-Pierre-Laurent Houël liet zijn fantasie de vrije loop (ca. 1800)

Egels hebben geen stekels op hun buik. Dat zagen de mensen vroeger ook. Maar ze hadden egels nooit zien paren. Die doen het dus met hun buiken op elkaar, dachten ze. Want als egels het op z’n hondjes doen, prikt het vrouwtje met haar stekels in zijn buik. Inmiddels weten we dat egels wél op z’n hondjes paren. Doordat meneer met zijn voorpootjes op haar rug steunt en hij bovendien een lange piemel heeft, blijven de stekels op afstand. En alsof ze het aanvoelt, legt zij haar stekels plat. Bioloog Midas Dekkers vertelde afgelopen zondag in Vroege Vogels (waar ik altijd naar luister) een soortgelijk verhaal. Maar dan over olifanten. Ver op de buik van het olifantenvrouwtje (ongeveer op de plaats waar onze navel zit)… daar moet meneer Olifant zijn. Als die beesten het op z’n hondjes doen, dan kan het mannetje er toch nooit bij? dacht iedereen. De Franse schilder Houël maakte rond 1800 een schilderij van twee olifanten buik aan buik onder het bladerdak van een boom. Hoe ze het deden, had hij van anderen gehoord. Maar ook olifanten doen het als hondjes en egeltjes. Net als een egel heeft een olifant een lange piemel, maar dan van anderhalve meter. Met zo’n tuinslang kom je een eind in de goeie richting.

Omgeturnd door kwik

Omgeturnde ibis (foto cesstrelle)

In Wild verliefd staat dat sommige ijsberen half mannetje half vrouwtje zijn. Dat komt waarschijnlijk door milieuvervuiling. Het lijf van die ijsberen is van slag geraakt. Zoiets is nu ook ontdekt bij witte ibissen. Giftig kwik is de boosdoener. Is hun eten vervuild met kwik (en dat komt veel voor), dan leggen vrouwtjes minder eieren. En mannetjes? Die worden homo. Mannetjes bouwen samen een nest en paren er vrolijk op los. Natuurlijk zonder nageslacht als resultaat. Het kwik verandert hun hormonen. ‘Wie dit hoort, zal gelijk denken dat ook mensen die kwik binnenkrijgen homo worden. Maar dat heb ik niet onderzocht’, zei de onderzoeker. Hij gaat kwiek door met zijn onderzoek… en houdt het voorlopig bij witte ibissen.

Op familiebezoek

Familie Bonobo (foto Prof. Aap)

Door veel te vrijen, blijft het bij bonobo’s gezellig. Ze hebben weinig ruzie. Planckendael bij Mechelen in België is een van de weinige dierenparken met bonobo’s. Daar ging ik op een donderdag heen. Op familiebezoek. Ik stond meer dan drie kwartier naar het bonobo-eiland te kijken. Hartstikke leuk. Bonobo’s speelden krijgertje. Ze visten blaadjes uit de gracht. Lagen wijdbeens te luieren met een grasspriet in hun mond. Keken nieuwsgierig in mijn richting. Net een aap, dachten ze toen ze me zagen. Maar vrijen? Nee, ik zag geen enkele vrijpartij. Niet eens een paar zoentjes! Dat viel tegen! Had ik de volgende dag (vrijdag) moeten komen?