Springen in de kou

 Een kleine tekening van een (nog kleinere) sneeuwspringer (ill. Wikipedia)

Ze zijn piepklein, hooguit 4 mm, en sprieterig. Pas in de winter als iedereen binnenzit, worden ze actief. Daardoor kent niemand ze. Sneeuwspringers heten ze. Het zijn winterinsecten die als donkere stipjes over de sneeuw springen. De meeste insecten gaan door kou het hoekje om. Maar sneeuwspringers hebben anti-vries in hun lijf.
Winter = feest. Tijd om te paren. Zit bij de meeste dieren het mannetje achterop, bij sneeuwspringers staat het vrouwtje op de rug van het mannetje. Hoppa! Zijn vleugelstompjes houden haar vast. Zo’n paring kan uren duren. Ondertussen stapt meneer rond en sjouwt zijn bepakking vrolijk mee. Op de hei, in de duinen, op zandverstuivingen. Vanaf april kom je ze niet meer tegen. Dan leven sneeuwspringers als larf onder de grond. In het najaar gaan ze weer springen, paren en eitjes leggen. Lekker in de kou.

Advertenties

Verliefd stelletje

horzelvlinder juli 09

Betrapt onder de populier (foto Ditte Merle)

Veel insecten kijken allebei de andere kant op terwijl ze paren. Alsof ze niets van elkaar willen weten. Die twee op de foto betrapte ik in mijn tuin. Languit op het blad van een gele dovenetel, onder de hoge populier. Hè? Wat zijn dat voor reuzenwespen? Fout. Het waren geen wespen maar vlinders. Horzelvlinders. ‘Sesia apiformis’, stond in mijn insectenboek. Ze schijnen veel voor te komen. Aan het eind van hun lijf steekt een grappig kwastje uit. Maar als ze paren, zie je dat niet goed. Die grote dikke is het vrouwtje. Hun leventje als vlinder duurt kort. Misschien een maand of zo. Hun jonkies kunnen 2 of 3 jaar worden. Als wit rupsje vreten ze het hout en de wortels van… mijn mooie populier! Ze gaan mijn populier verruïneren! Van die beestjes moet ik er niet teveel hebben. Eén vrouwtje legt honderden eitjes in de schors. Eerst was ik blij met dat verliefde stelletje. Maar ik had ze beter kunnen storen.